Rechtuit

De stelligheid van de onzekerheid

Geschreven door Hugo Lamon

LAMON op woensdag

Mr. Hugo LAMON is advocaat aan de balie Limburg en bestuurder en woordvoerder van de Orde van Vlaamse Balies. Iedere woensdag maakt hij op Jubel een persoonlijke beschouwing over justitie.

Het is geen eenvoudige klus om over de juridische actualiteit te reflecteren net op het ogenblik dat het Britse parlement massaal het voorstel over de Brexitdeal van Theresa May heeft verworpen. Niemand weet onmiddellijk na de stemming hoe het daar nu verder moet. Het lijkt in dat opzicht wel opvallend veel op de Belgische toestand. Daar is er een minderheid in (af)lopende zaken en een parlement dat zich nu klaarmaakt voor een maandenlange verkiezingscampagne met iedere dag nieuwe verwikkelingen. Net zoals de Britten (en de rest van de wereld) nog niet weten of er een harde, zachte, een uitgestelde of helemaal geen Brexit zal komen, zo blijven wij in ons land ook zitten met de vraag wat er nog overeind zal blijven van de door de minister van justitie aangekondigde diverse wervelwinden die de eindmeet niet hebben gehaald.

In de coulissen van de Wetstraat wordt blijkbaar nagedacht – ja, dat gebeurt daar ook – over wat er nog in de volgende maanden kan worden  goedgekeurd. De onzekerheid regeert, dat is het enige wat met stelligheid kan worden gezegd. Zal het vennootschapsrecht toch nog op de valreep worden hervormd? En wat wordt er dan gedaan met de adviezen en opmerkingen van de Raad van State, of zijn dat te verwaarlozen vodjes papier? In het laatste nummer van VBO-reflect (“een inspirerende publicatie van het Verbond van Belgische Ondernemingen”, zoals het tijdschrift zichzelf noemt) wordt gemakshalve al de indruk gewekt dat de wet al gestemd is en door de “vereenvoudiging, duidelijkheid en flexibiliteit” wordt de nieuwe wet zonder meer als een verworvenheid voorgesteld. Het is nog maar zeer de vraag of het parlement zich in dat verband wel  duidelijk en flexibel zal willen opstellen.

Het VBO bericht overigens nog op andere domeinen bijzonder voluntaristisch. Zo is er nog het plan voor de oprichting van een “Brussels International Business Court”, een door het VBO bedacht en via krachtig lobbywerk gepromoot idee om in Brussel een aparte rechtbank te maken die in het Engels vonnissen zou uitspreken over bepaalde commerciële geschillen. De voorzitter van die nieuwe rechtbank zou een raadsheer zijn van het hof van beroep te Brussel, die dan zelf zijn rechters zou mogen kiezen (niet bepaald tot vreugde van onder meer de Hoge Raad voor de Justitie). Het VBO gaat er in dezelfde publicatie ook daar van uit dat die rechtbank in 2019 een feit zal zijn. De hervorming is nodig om België (lees: Brussel) gelijke tred te laten houden met Parijs, Dubai, Londen, Singapore en Amsterdam. Zo poneert althans het VBO. Die nieuwe rechtbank stuit op veel weerstand. Zo was er de snoeiharde kritiek van de volgende Procureur-Generaal bij het Hof van Cassatie in zijn mercuriale bij de opening van het gerechtelijk jaar. Zal het parlement ook die juridische bezwaren zomaar naast zich neerleggen? En wat zegt dat dan over het werk van al die andere hoven en rechtbanken? Wordt dat plan iets van de lopende zaken, of blijft het bij de stilstand van de huidige toestand? Intussen lopen sommige – Brusselse – advocaten zich al warm om in die toekomstige Brussels Court als rechter te mogen zetelen. Het is nu nog maar een verre wensdroom, maar ooit zal de discussie opnieuw moeten worden gevoerd over de verenigbaarheid van het beroep van advocaat met dat van rechter. De OVB heeft al duidelijk gezegd dat een advocaat vanuit deontologisch perspectief geen ondernemingsrechter kan zijn. Wie zegt dat diezelfde advocaat dan wel in de Brussels Court zou moeten kunnen zetelen, doet er goed aan stevige argumenten aan te dragen. Die zijn er voorlopig nog niet, voor alle duidelijkheid.

De minister van justitie liet ook rapporten schrijven over de toekomst van de advocatuur, het notariaat en het beroep van gerechtsdeurwaarder. Dat resulteerde in (voorlopig geheime, maar ruim verspreide) voorontwerpen van wet, die in een verschroeiend tempo werden geschreven. Zij die aandacht hebben voor deugdelijk legistiek werk (een alsmaar tanende groep juristen, helaas) merken fijntjes op dat dit ook aan de teksten te merken is. Ook hier heerst de onzekerheid over het lot van al die plannen.

De stelligheid van al die onzekerheid maakt dat niets is wat het lijkt. Is dit nu voor de advocaat met beide voeten in de praktijk een verheugende vaststelling of niet? Tja, hoe onzeker is die stelligheid?

Hugo LAMON

Mr. Hugo LAMON is advocaat aan de balie Limburg en bestuurder en woordvoerder van de Orde van Vlaamse BaliesIedere woensdag maakt hij op Jubel een persoonlijke beschouwing over justitie.

In de onderstaande videoboodschap van mr. Lamon kadert hij de column van deze week, en nodigt daarbij alle belangstellenden uit tot verdere reflectie en maatschappelijk debat.

1 Comment

Opmerking plaatsen

X