Advocaten Algemeen Gerechtsdeurwaarders

Het beslag op roerende zaken vanuit een bevlogen perspectief

Geschreven door Jubel

Stefano Nocco is toegevoegd gerechtsdeurwaarder bij Buik & Van der Horst te Leiden, Zuid-Holland (NL). Onlangs is een wetenschappelijk artikel in het Nederlandse Tijdschrift Vervoer & Recht van zijn hand verschenen over de beslaglegging door een gerechtsdeurwaarder met behulp van een camera aan een drone. Naar aanleiding hiervan bespreekt Nocco voor Jubel.be dit onderwerp in een driedelige blogserie.
Deze moderne manier van beslaglegging is een novum en derhalve onontgonnen gebied. De schrijver pretendeert met deze blog niet dat een rechter een dergelijke wijze van beslaglegging zal accepteren. Deze blog is geschreven ter uitdieping van het idee en vooral om een discussie over moderne mogelijkheden binnen het bewijsrecht tot stand te brengen.

In dit deel (1) wordt een introductie gegeven op dat deel van het executie- en beslagrecht dat van toepassing is op het beslag op roerende zaken en het gebruik van drones.

Noot: deze blogserie is geschreven naar Nederlands recht. Mocht u interesse hebben in het volledig gepubliceerde artikel, neemt u dan contact op via [email protected].

Introductie

Een drone wordt door de Federal Aviation Administration gedefinieerd als een ‘onbemand luchtvaartuig’. Al in 1849 werden door het Oostenrijkse leger in de oorlog met Italië onbemande heteluchtballonnen boven Venetië de lucht in gelaten, met daaraan bommen die door middel van een tijdmechanisme (beïnvloed door windsnelheid en windrichting) op een bepaalde plek werden losgelaten. Hoewel de drones die het leger van de VS bijvoorbeeld gebruikt in de strijd tegen IS er nu heel anders uit zien, zijn zij in zekere zin vergelijkbaar met die heteluchtballonnen. Tegenwoordig is de associatie bij drones echter verschoven van een onbemand vliegtuig van het leger naar een op afstand bestuurbaar helikoptertje met daarop een camera.

Drones worden ook steeds meer onderdeel van onze maatschappij. Veel bedrijven zien kansen voor het gebruik van de drone voor bijvoorbeeld onderzoek en surveillance, en ook de politie kan drones als hulpmiddel gebruiken bij handhaving. In deze blogserie wordt de vraag beantwoord of het juridisch mogelijk is dat de gerechtsdeurwaarder beslag legt door middel van een waarneming gedaan met een camera die hangt aan een drone. In het artikel naar aanleiding van deze blog wordt uitgebreider op de materie ingegaan, deze blog kan daarom soms kort door de bocht lijken.

De basis van het beslag op roerende zaken

De wetgever heeft vastgelegd dat het beslagleggingsproces op roerende zaken in verschillende stappen dient te geschieden. De wet vereist een exploot én een proces-verbaal. Dit is bij andere beslagen niet het geval, daar is het altijd een van de twee. De regeling wijkt eveneens af van andere beslagen, omdat de wetgever nooit duidelijk heeft vastgesteld wanneer het beslag op roerende zaken daadwerkelijk tot stand komt en zijn blokkerende werking verkrijgt. Dit is anders voor bijvoorbeeld het derdenbeslag of het beslag op onroerende zaken. In de praktijk zal de gerechtsdeurwaarder zich altijd begeven naar de plaats waar de in beslag te nemen zaken zich bevinden. Op deze plaats wordt aangezegd dat de gerechtsdeurwaarder beslag legt op de roerende zaken. Op dat moment wordt het beslag gelegd. In ieder geval uiterlijk de volgende dag duidt de gerechtsdeurwaarder precies aan welke roerende zaken in beslag zijn genomen door het getal, gewicht en de maat ervan te noteren. Dit proces-verbaal betekent de gerechtsdeurwaarder binnen drie dagen na het beslag aan de geëxecuteerde.

In 1971 werd een deel van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) voor het eerst na het ingaan van de wet in 1838 geactualiseerd op een aantal kleine punten. De tot dan toe nog bestaande verplichting tot het meenemen van twee getuigen bij het beslag op roerende zaken werd afgeschaft. De enige vormvereiste die bleef was dat de gerechtsdeurwaarder het getal, het gewicht en de maat van de roerende zaken in zijn proces-verbaal van nadere aanduiding dient te noteren. In het verleden heeft de wetgever verplicht gesteld dat de gerechtsdeurwaarder zich bij beslaglegging op een schip of op een onroerende zaak begeeft. Voor het scheepsbeslag bestaat deze verplichting nog steeds. De wetgever heeft voor het beslag op roerende zaken nooit een dergelijk ‘nabijheidscriterium’ gesteld. Dit zou kunnen betekenen dat een beslag zelfs gelegd kan worden als de gerechtsdeurwaarder zich bevindt op een andere plaats dan nabij de roerende zaken. Hierop wordt in het vervolg van deze blog ingegaan.

Het beslag op roerende zaken en de waarneming

Het proces-verbaal van inbeslagname van een roerende zaak levert een authentieke akte op als wordt voldaan aan de vereisten van art. 156 Rv. Kan met een beslag op roerende zaken op afstand een authentieke akte ontstaan? Een van de vereisten uit het artikel is dat er een verrichte waarneming moet zijn gedaan (door een daartoe bevoegd ambtenaar). Alle vereisten worden in de wet of de parlementaire geschiedenis nader uitgelegd. Wat ‘waarneming’ precies is niet.

De gerechtsdeurwaarder hoeft zich niet op straffe van nietigheid van zijn akte te vervoegen ter plaatse waar de roerende zaken zich bevinden, die vereiste stelt art. 440 Rv namelijk niet. Er wordt aangenomen dat dit de enig mogelijke manier is. De wetgever heeft gesteld dat de roerende zaken voldoende individualiseerbaar moeten zijn en dat de gerechtsdeurwaarder daarom het getal, het gewicht en de maat van de roerende zaken in zijn proces-verbaal dient te noteren. Dit is de basisvoorwaarde en de enige vormvereiste. Het wetsartikel kent hiermee slechts een beperkte afbakening van vereisten en ondanks het gesloten stelsel van het beslagrecht laat dat naar mijn idee een brede interpretatie toe. Om naar aanleiding van een zintuiglijke waarneming een nauwkeurige beschrijving te maken van in beslag te nemen zaken, zal de gerechtsdeurwaarder deze moeten zien. Een andere manier is er niet, er is bijvoorbeeld geen register voor roerende zaken. Naar mijn mening is het niet essentieel dat de gerechtsdeurwaarder de zaken daadwerkelijk ter plaatse ziet. Dit is ook van een afstand mogelijk, als maar nauwkeurig het getal, het gewicht en de maat overeenkomstig de aard van de zaak kunnen worden genoteerd. Met afstand wordt bedoeld dat de gerechtsdeurwaarder de roerende zaken niet van nabij ziet, maar vanaf een geheel andere plek, bijvoorbeeld met een camera aan een drone.

Het raambeslag

Een beslag waar het belang van een juiste waarneming speelt is het raambeslag. De Hoge Raad besliste in 1928 voor het eerst dat het mogelijk is zaken in beslag te nemen waarvoor geen opening van deuren of huisraad noodzakelijk is. De gerechtsdeurwaarder, die in een winkel beslag wilde leggen, werd door de eigenaar van de winkel “krachtdadig met zijn beide handen tegen diens borst terug en naar den uitgang van den winkel geduwd”. Volgens de Hoge Raad maakte deze handelswijze de gerechtsdeurwaarder niet onbevoegd om alles in beslag te nemen waarvoor geen opening van deuren of huisraad nodig was. De gerechtsdeurwaarder mocht voortgaan met zijn aangevangen ambtshandeling: wat hij binnen even snel gezien had, mocht in beslag genomen worden. Een dergelijk beslag is inmiddels geaccepteerd, al vindt dit beslag geen grondslag in de wet. Het raambeslag lijkt ook ruimte te bieden voor beslag met een drone en er zijn dan ook parallellen te trekken. Allereerst is bij een raambeslag het openen van deuren en huisraad niet noodzakelijk. Hetzelfde kan gelden voor het beslag met een drone: na waarneming van roerende zaken kan ex art. 443 Rv een aanduiding van de roerende zaken worden gedaan. Ten tweede kan – net als bij het raambeslag – pas achteraf duidelijk worden dat een in beslag genomen roerende zaak geen eigendom is van de betrokken schuldenaar. Dit zal, mochten er problemen rijzen, ook achteraf moeten worden opgelost. Civielrechtelijk zie ik hier derhalve geen bezwaren, maar juist overeenkomsten. Analoge toepassing van deze regeling lijkt mij mogelijk.

Conclusie

Tot nu toe heb ik in het algemeen de regeling over het beslag op roerende zaken besproken. Daarnaast heb ik een begin gemaakt met de nadere belichting van het begrip waarneming door de gerechtsdeurwaarder. Volgende keer wordt daar nog verder op ingegaan en zal de waarneming met de drone worden gesproken. Zo ook worden dan de privacyaspecten besproken. Er is naar aanleiding van het eerste artikel van mijn hand over dit onderwerp inmiddels een scriptie geschreven over het privacyaspect van drones en gerechtsdeurwaarders. Daarover ook in de volgende blog meer. In blog drie wordt vervolgens het beslag op schepen besproken en zal een eindconclusie worden getrokken.

Ik hoop dat u deze blog – en ook de volgende – met plezier leest!

Hebt u vragen of opmerkingen, dan verneem ik graag van u via email: [email protected].

Stefano Nocco
Gerechtsdeurwaarder

1 Comment

  • Zeer interessant die analogie met het raambeslag die dhr. Nocco maakt! Benieuwd naar de volgende blog en dan vooral de privacyaspecten.

Opmerking plaatsen

X