Rechtuit

Kwaliteit onder de soms piepende blinddoek van Vrouwe Justitia

Geschreven door Hugo Lamon

LAMON op woensdag

Mr. Hugo LAMON is advocaat aan de balie Limburg en bestuurder en woordvoerder van de Orde van Vlaamse Balies. Iedere woensdag maakt hij op Jubel een persoonlijke beschouwing over justitie.

Vorige week raakte bekend dat het parket na tien jaar onderzoek van oordeel is dat er te weinig aanwijzingen zijn dat in 2007 de toenmalige toplui van de inmiddels ter ziele gegane Fortis-bank de jaarrekening hebben vervalst. Dat bracht de krant de Tijd ertoe om te schrijven dat “vrouwe Justitie even van onder haar blinddoek heeft gepiept”(De Tijd, 22 december), nu de krant de buitenvervolgingstelling koppelt aan het feit dat Ageas (de opvolger van Fortis) eerder een schikking bereikte met de gedupeerden.

Die krant merkt daarbij verder – en terecht – op dat ook in andere zaken steeds vaker “de kosten en de baten van een procesvoering” tegen mekaar worden afgewogen en vervolgt: “Die trend blijkt ook uit de enkele jaren geleden ingevoerde optie om een strafvervolging af te kopen. Maar wordt het recht spreken op die manier niet te veel op een commerciële leest geschoeid? Een boete betalen of instemmen met een financiële vergoeding voor de slachtoffers mag tegenwoordig een alternatief zijn voor een strafrechtelijke veroordeling”.

Een strafzaak is er niet enkel om de slachtoffers tegemoet te komen, maar dient ook het algemeen belang. Rechters moeten de feiten toetsen aan de dwingende regels die de samenleving ordenen en kunnen het signaal geven dat bepaalde praktijken niet aanvaardbaar zijn. Wanneer een gerechtelijk onderzoek tien jaar loopt, zou een openbare behandeling voor de rechters voor de hand liggen, ook indien het tot een vrijspraak leidt.

Rechters hebben dus een grote maatschappelijke verantwoordelijkheid en dat geldt overigens niet enkel in strafzaken. Koen Lenaerts, president van het Europees Hof van Justitie, benadrukte dat in een opmerkelijk openhartig interview dat hij op 24 december gaf aan de VRT-radio. Wie in de auto zat op weg naar kantoor of naar de onvermijdelijke kerstboodschappen, kon de zoals steeds bevlogen topmagistraat helder horen uitleggen wat de rol is van rechters. Hij had het over de uitspraken van zijn Hof, die soms politiek geladen zijn (“de gevolgen zijn politiek, de uitspraak is dat niet” merkte hij in dat verband fijntjes op). Het is de taak van de rechters om sterke juridische redeneringen uit te zetten, want “de legitimiteit van het Hof hangt af van de sterkte van de rechterlijke motivering”. Dat geldt trouwens niet enkel voor uitspraken van het Hof van Justitie, maar is van toepassing op alle rechtszaken. Het is daarom van belang dat de rechter ook de kans krijgt om in zaken die de publieke opinie hebben beroerd zich in het debat te mengen met een sterk gemotiveerde uitspraak.

Goed gemotiveerde uitspraken vereisen ook kwaliteitsvolle advocaten, die vorm geven aan het juridisch debat en de rechter confronteren met de juridische realiteit en de inherente beperkingen. Het is dan ook geen toeval dat ook de kwaliteit van de advocaten de voorbije dagen weer aandacht kreeg. Zo stemde het advocatenparlement vorige week een nieuw deontologisch reglement, dat kwaliteitsvereisten oplegt aan advocaten die Salduzbijstand willen leveren. De bijstand bij het verhoor vereist bijzondere competenties. Advocaten zullen daarom een basisopleiding moeten volgen en zich daarna verplicht bijscholen. De advocatuur beschikt daar over een monopolie en dus is er ook een maatschappelijke verantwoordelijkheid om kwaliteitsvolle bijstand te verlenen, zeker en niet in met minst wanneer de overheid het financiert.

Vanaf 1 januari zal ook het nieuwe artikel 1738 van het gerechtelijk wetboek in werking treden, waardoor de nieuwe categorie van “collaboratieve advocaten” het leven zullen zien. De wet omschrijft het collaboratief onderhandelen als “een vrijwillige en vertrouwelijke procedure van geschillenoplossing door onderhandeling, waarbij conflicterende partijen en hun respectieve advocaten betrokken zijn en laatstgenoemden optreden in het kader van een exclusief en beperkt mandaat van bijstand en adviesverlening teneinde een minnelijk akkoord te bewerkstelligen”. Het zijn dus advocaten die enkel onderhandelen en zich uit de zaak moeten terugtrekken als er geen regeling komt. Wie dit wil doen, zal eerst moeten worden erkend. En ja, ook dat zal afhankelijk zijn van het volgen van een bijzondere opleiding en permanente bijscholing. Ook voor het vinden van oplossingen buiten de rechtbank zullen dus allicht zware kwaliteitseisen gelden, al gaat het hier vaak over andere dan juridische competenties. De nieuw in leven geroepen commissie moet zich nog uitspreken over de omvang van die opleidingen.

Sommigen zien die evoluties als uitdagingen, terwijl het bij anderen gevoelens van frustratie, moedeloosheid of afkeer opwekt. Als advocaten hun maatschappelijke rol willen blijven spelen, zijn ze echter onafwendbaar.

Hugo LAMON

Mr. Hugo LAMON is advocaat aan de balie Limburg en bestuurder en woordvoerder van de Orde van Vlaamse BaliesIedere woensdag maakt hij op Jubel een persoonlijke beschouwing over justitie.

Opmerking plaatsen

X