Nieuws

Tuut tuut, hier komt (nog) een statuut

Geschreven door Willy van Eeckhoutte


De Tijd, zaterdag 13 april 2019, p. 43

Een mantelzorger is een persoon die doorlopende of regelmatige hulp en bijstand verleent aan de geholpen persoon (art. 3, § 1, Mantelzorgerwet).

Erkenning

Hopelijk krijgen mantelzorgers altijd de erkenning die zij verdienen. Maar, anders dan het artikel in De Tijd suggereert, is het niet een wetsvoorstel dat op 3 april 2019 werd goedgekeurd in de Commissie voor de sociale zaken van de Kamer die hen officieel erkent: zij kunnen al sinds 2014 dergelijke erkenning krijgen. Mantelzorgers kunnen sindsdien bij hun ziekenfonds een jaarlijks te hernieuwen erkenning aanvragen met het akkoord van de geholpen persoon. Meer dan een verklaring op erewoord is daarvoor niet nodig (art. 3, § 4, Mantelzorgerwet).

Maar wat koop je voor een erkenning? Eigenlijk niets. Blijkens de samenvatting van het ontwerp dat tot de Mantelzorgerwet leidde, bestond de bedoeling van de wet er enkel in “een definitie van de mantelzorger vast te leggen en zodoende te bepalen wie tot deze doelgroep behoort”. Bijkomend onderscheidt de erkenning als mantelzorger de betrokkene van “de bestaande statuten zoals het vrijwilligersstatuut” (Parl.St. Kamer, DOC 533439/001, 3 en 5). Een merkwaardige finaliteit voor een wet.

Maar de definitie van mantelzorger was geconcipieerd als een eerste stap naar een bescherming van de mantelzorger. De Raad van State merkte in zijn advies bij het wetsontwerp echter op dat daaruit niet bleek welke sociaalrechtelijke, fiscale of burgerrechtelijke gevolgen in een verdere fase zouden worden beoogd, wat vragen deed rijzen over de bevoegdheid van de federale wetgever zich in te laten met een begripsomschrijving van een activiteit die bestaat in zorg, wat een aangelegenheid is die tot de bevoegdheid van de Gemeenschappen behoort (Advies RvSt, Parl.St. Kamer, DOC 533439/001, 13-14).

Sociaal statuut

Een van de vereisten om als mantelzorger erkend te worden, is dat de bijstand en hulp niet beroepshalve en kosteloos wordt verstrekt, zij het in samenwerking met ten minste een professionele zorgverlener (art. 3, § 3, 1°, Mantelzorgerwet). Alleen al de ontstentenis van een professioneel karakter van het werk van mantelverzorgers, ontzegt hun in beginsel het sociaal statuut van werknemer of dat van zelfstandigen.

Het wetsvoorstel waarvan sprake in De Tijd dat beoogt sociale rechten toe te kennen aan mantelverzorgers, dagtekent al van 2015. Het wordt nu, met zovele andere, in sneltempo door de Kamer gejaagd: op 3 april 2019 werd daarover blijkbaar een compromis bereikt.

Voortgaande op wat De Tijd daarover vermeldt (openbare documenten zijn nog niet er beschikking bij het afsluiten van deze tekst) komt de essentie van het compromis er blijkbaar op neer dat vanaf de inwerkingtreding van de nieuwe wet:

  • mantelzorgers die werknemers zijn, een beroep zullen kunnen doen op het thematisch tijdskrediet;
  • werknemers die een arbeidsongeschiktheidsuitkering van de ziekteverzekering genieten, die uitkering niet zullen verliezen omwille van de mantelzorg.

Men kan dit natuurlijk een “sociaal statuut” noemen, maar dat is toch wel hyperbolisch.

Mantelzorg is zorg gegeven door gezinsleden, buren of vrienden.

Allen kunnen zij (onder bepaalde voorwaarden) worden erkend. Maar om het “sociaal statuut” te verkrijgen dat op 3 april werd goedgekeurd in de Kamercommissie, moeten zij wel ook werknemers zijn.

Enkel werknemers krijgen dus het “sociaal statuut” van mantelzorger. Later zouden ook zelfstandigen aan de bak komen. Andere mantelzorgers krijgen geen sociaal statuut.

Men kan het “sociaal statuut” van de mantelzorgers dan ook niet vergelijken met, pakweg, dat van onthaalouders. Die vallen op grond van hun activiteit onder de toepassing van de ziekteverzekering en een specifieke werkloosheidsverzekering (art. 3, 9°, en art. 8ter Uitvoeringsbesluit RSZ-wet). Maar die ontvangen dan ook een vergoeding, waarop socialezekerheidsbijdragen worden betaald (art. 27bis en 42bis Uitvoeringsbesluit RSZ-wet). Erkende mantelzorgers verrichten hun zorgactiviteiten per definitie kosteloos en dus zonder sociaal statuut. Maar met de mantel der liefde.

 

Willy van Eeckhoutte

Opmerking plaatsen

Uw naam wordt privé weergegeven op de website en is niet zichtbaar voor anderen. Uw e-mailadres wordt opgeslagen maar niet gepubliceerd.

X