Nieuws

Snelheidsbegrenzer verplicht voor nieuwe wagen?

Geschreven door Jubel
Deze bijdrage werd geschreven door Charlotte Vanneste, advocaat bij VDV Advocaten.

1. Europees Recht

De Europese Unie wil dat nieuwe wagens vanaf 2022 worden voorzien van een snelheidsbegrenzer. Het voorstel werd intussen door een grote meerderheid in de Commissie Interne Markt goedgekeurd. De ISA-techniek (Intelligent Speed Assist, ook wel Intelligente Snelheidsadaptatie genoemd) zorgt ervoor dat een voertuig automatisch kan worden afgeremd wanneer de bestuurder zich niet aan de snelheidslimiet houdt. Het doel is het aantal verkeersongevallen te verminderen.

De EU laat er geen twijfel over bestaan dat men de invoering van dergelijke tool noodzakelijk acht. Men is er echter nog niet over uit welk systeem zal moeten gehanteerd worden. Zo zou een gesloten systeem de bestuurder geen ruimte geven om de maximaal toegelaten snelheid te overschrijden. Een halfopen systeem zou de wagen vanzelf doen afremmen, maar wanneer het gaspedaal wordt ingedrukt, laat dit de bestuurder alsnog toe te versnellen. Een open systeem zou dan weer slechts indicatief werken en niet effectief afremmen.

Bovendien zijn er nog heel wat technische vragen over de manier waarop dit alles in de praktijk dient geïmplementeerd te worden.

2. Evolutie in België

Thans bestaat er eensgezindheid binnen de EU over de nood aan een snelheidsbegrenzer. Ook onze wetgever draagt de beperking van de snelheidsovertredingen steeds hoger in het vaandel.

De wet van 16 maart 1968 betreffende de politie over het wegverkeer schrijft ingeval van snelheidsovertreding een geldboete van minimum 80 EUR tot maximum 4.000 EUR voor (d.i. 10 EUR – 500 EUR meer opdeciemen). Bij de bepaling van deze geldboete houdt de rechtbank rekening met het aantal kilometer per uur waarmee de snelheid overtreden werd (art. 29§3).

Bij een snelheidsovertreding waarbij de toegelaten snelheid met 30 km/u binnen zone 30 of bebouwde kom overschreden wordt, of 40 km/u buiten bebouwde kom, voorziet de wetgeving bovendien in een rijverbod van minimum 8 dagen tot maximum 5 jaar (art. 29§3 lid 3). Ook bij lagere snelheidsovertredingen maakt de wetgever het opleggen van een rijverbod mogelijk voor de rechters (art. 38§1, 3bis°).

Wanneer men echter binnen de drie jaar opnieuw dergelijke ‘zware’ snelheidsovertreding begaat, worden de geldboetes verdubbeld (art. 29§4). Daarenboven verplicht de wetgever de rechters om bij recidive – ook wanneer men enige andere verkeersinbreuk van de vierde graad begaat, een vluchtmisdrijf pleegt, rijdt onder invloed/in staat van dronkenschap, stuurt spijts verval, zonder verzekering, etc. – om dadelijk een rijverbod van minimum drie maanden op te leggen én de teruggave van het rijbewijs afhankelijk te maken van het slagen in de vier proeven (art. 38§6). Dit houdt in: slagen in een medisch en psychologisch onderzoek en het opnieuw afleggen van het theoretisch en praktisch rijexamen.

Begaat men nóg een overtreding binnen dit tijdbestek, verhoogt het rijverbod naar een minimale periode van zes maanden; recidiveert men nog eens, bedraagt het minimale rijverval meteen negen maanden.

Dergelijk rijverbod valt voor de meeste bestuurders enorm zwaar. De rechters zijn echter gebonden door de geldende wetgeving. Weliswaar zijn gunstmaatregelen, zoals een (gedeeltelijk) uitstel mogelijk. Dit moet uiteraard goed gemotiveerd worden.

Wenst u verdere informatie? Twijfel dan niet om ons te contacteren: [email protected]

Charlotte Vanneste

VDV Advocaten

Opmerking plaatsen

Uw naam wordt privé weergegeven op de website en is niet zichtbaar voor anderen. Uw e-mailadres wordt opgeslagen maar niet gepubliceerd.